Duitse aanduidingen voor militaire eenheden

Armeegruppe (Armeegruppen):

Een Armeegruppe bestond uit één of meer Armeen, eventueel aangevuld met onafhankelijke eenheden of formaties, reserve-eenheden. De Armeegrupe werd gebruikt op strategisch niveau. Op papier zou een Armeegruppe moeten bestaan uit 100.000 tot 300.000 manschappen.

Armee (Armeen):

Een Armee was opgebouwd uit één of meerdere Korpsen, eventueel aangevuld met onafhankelijke eenheden of formaties, reserve-eenheden. De Armeegrupe werd gebruikt op strategisch niveau. Op papier zou een Armee moeten bestaan uit 60.000 tot 100.000 manschappen.

Korps (Korps):

Een Korps bestond uit één of meerder Divisionen, aangevuld met onafhankelijke eenheden of formaties, reserve-eenheden. Een Korps opereerde op strategisch/operationeel niveau. Hiermee werden de bewegingen en acties van de diverse Divisionen, eventueel aan het Korps toegevoegde onafhankelijke Abteilungen en Bataillone, gecoordineerd. Een Korps bestond meestal uit 40.000 tot 60.000 manschappen.

Division (Divisionen):

De structuur van Divisionen was sterk afhankelijk van het type Division. De meeste waren opgebouwd uit 1 tot 4 Regimenter, aangevuld met eventueel toegevoegde eenheden en formaties. Divisionen opereerden op operationeel niveau, op het slagveld en als coordinerend orgaan met betrekking tot de acties van de Regimenter en de andere eventueel toegevoegde eenheden en formaties. Een divisie telde tussen de 10.000 en 20.000 manschappen.

Brigade (Brigaden):

Brigaden opereerden zowel onafhankelijk als als onderdeel van een Korps of Division. Aan het begin van de oorlog waren de meeste Divisionen uit 1 of 2 Brigaden opgebouwd, die elk uit een aantal Regimenter en de eventueel tijdelijk toegevoegde eenheden en formaties bestonden bestonden. Brigades opereerden op operationeel/tactisch niveau. Over het algemeen telde een Brigade 5.000 tot 7.000 manschappen.

Regiment (in de Waffen-SS: Standarte) (Regimenter;Standarten):

Regimenter waren uit een aantal Abteilungen en de eventueel tijdelijk toegevoegde eenheden en formaties opgebouwd. Regimenter opereerden voornamelijk op tactisch niveau. Normaal gesproken bestond een Regiment uit 2.000 tot 6.000 manschappen.

Abteilung/Bataillon (Abteilungen/Bataillone):

Abteilungen en Bataillone bestonden uit een aantal Kompanien. Deze eenheden opereerden op tactisch niveau op het slagveld. Een Abteilung was de kleinste zelf voorzienende gevechtseenheid. De Abteilung was dus zo opgebouwd dat het voldoende wapens, voorraden en manschappen had om zich zelf te redden. Alle andere eenheden beneden de Abteilung hadden over het algemeen niet genoeg vuurkracht en mankracht om zelfstandig op het slagveld te opereren. In theorie telde een Abteilung 500 tot 1.000 manschappen.

Kompanie (Kompanien):

Een Kompanie bestond uit meerdere Zuge. Kompanien opereerden op tactisch niveau en waren uit 100 tot 200 manschappen opgebouwd.

Zug (Züge):

Een Zug bestond uit meerdere Gruppen. De Zug opereerde op tactisch niveau. In theorie telden een Zug 30 tot 40 manschappen.

Gruppe (Gruppen)

De kleinste sub-eenheid, meestal onderdeel van een Zug.

Halb-Zug (Halb-Züge)

Soms werd een Zug in twee delen opgedeeld met als resultaat een Halb-Zug.

Trupp (Truppen):

Een kleinde eenheid, kleiner nog dan de Zug, bestaande uit 10 tot 20 manschappen.

Kampfgruppe (Kampfgruppen):

De Kampfgruppe was een militaire formatie die bij de Geallieerde legers niet werd gebruikt (de Amerikaanse Taskforce lijkt er nog het meeste op). Een Kampfgruppe kon in grootte variëren van een Korps tot de meest voorkomende variant: een Abteilung. De Kampfgruppen waren zo geformeerd dat alle specialismen (pantsereenheden, artillerie, infanterie, anti-tankwapens en soms ook genie) in een groep waren samengebracht. Over het algemeen werd een Kampfgruppe geformeerd wanneer een speciaal doel op het slagveld bereikt diende te worden. Wanneer het doel was bereikt, werd de Kampfgruppe over het algemeen opgeheven. De Kampfgruppen waren weliswaar tijdelijke verbanden, maar konden wel lange tijd opereren wanneer de situatie op het slagveld daarom vroeg. De Kampfgruppen werden meestal genoemd naar de commandant van het verband. Een van de beruchtste was de Kampfgruppe Peiper die tijdens het Ardennenoffensief opereerde en als doel had belangrijke knooppunten te veroveren om de opmars van de rest van het oprukkende Duitse leger te versnellen. De Kampfgruppe tactiek was in de Tweede Wereldoorlog één van de centrale punten in de Duitse militaire doctrine.

(bron: J. Pipes'site: 'Feldgrau', Germanarmed forces )



  Tekst: EM 2000 - 2009 vragen en/of opmerkingen: mail
  The symbols on this site serve no political or ideological purpose. The author has no intention to promote any political or ideological ideas.